Verzakkingsoperatie (sacrospinale fixatie van de vaginatop of de baarmoeder)

iStock_000026305465_XXXLarge 2.jpg
St. Anna Logo

Een verzakte baarmoeder of vaginatop kan aanvoelen als een bal tussen uw benen. Dit is een vervelend gevoel. U kunt daarnaast last van hebben met plassen of tijdens het vrijen. Als u last heeft van een verzakte vaginatop of baarmoeder, is een sacrospinale fixatie een mogelijke behandeling in het Anna Ziekenhuis. Bij deze operatie legt de gynaecoloog twee niet-oplosbare hechtingen door een sterke band in uw bekken: de sacrospinale band. Na deze operatie bent u dat ‘balgevoel’ kwijt en ook plassen en vrijen gaat vaak beter. Uw gynaecoloog zal met u bespreken of deze operatie voor u geschikt is.

 

Verzakkingsoperatie bij het Anna Ziekenhuis

Als een sacrospinale fixatie de beste behandeling voor u is, bent u in het Anna Ziekenhuis in goede handen. Naast een kwalitatief uitstekende behandeling, krijgt u ook persoonlijke begeleiding. Uw gynaecoloog informeert u uitgebreid over het verloop van de operatie en het herstel. Tijdens het hele zorgtraject (onderzoek, behandeling en nazorg) blijft u bij dezelfde gynaecoloog onder controle. Uw arts is dus altijd exact op de hoogte van uw situatie.

Het proces

Preoperatieve screening

Voor de operatie gaat u naar bureau opname. Hier bespreekt u met de anesthesioloog de anesthesievorm die het meest geschikt is voor u. Bij een sacrospinale fixatie zijn een ruggenprik of algehele anesthesie (narcose) de mogelijke vormen van verdoving.

De dag van de operatie

U mag 8 uur voor de operatie niets meer eten of drinken. Op de dag van de operatie meldt u zich volgens afspraak bij de verpleegafdeling. Een verpleegkundige geeft u uitleg over de operatie en het verblijf op de afdeling. Daarna trekt u operatiekleding aan. Wij brengen u per bed naar de operatieafdeling. Hier krijgt u een infuus in uw arm voor de toediening van vocht, medicijnen en u krijgt uw verdoving.

De operatie

Via uw vagina kan de gynaecoloog de sacrospinale band in het kleine bekken bereiken. De gynaecoloog maakt een snee in de achterwand van de vagina en maakt de wand van de vagina los van de achterwand van de darm. Als de sacrospinale band goed te bereiken is, legt de gynaecoloog hier 2 niet oplosbare hechtingen. Deze worden ook verbonden aan de top van de vagina of aan de achterkant van de baarmoederhals. Bij het knopen van deze hechtingen wordt de vaginatop of de baarmoeder hiermee opgetild. Deze operatie wordt vaak gecombineerd met een voorwandplastiek en/of achterwandplastiek. De operatie duurt ongeveer 45 tot 90 minuten. Door de operatie ligt de vagina een beetje scheef in het bekken. Dit geeft geen klachten en geen problemen bij gemeenschap.

Na afloop van de operatie

Na afloop van de operatie krijgt u een blaaskatheter en wordt een tampon in de vagina gebracht. De dag na de operatie worden deze weer verwijderd.

Na de operatie

Na de operatie krijgt u pijnstilling. Meestal is paracetamol voldoende. U krijgt ook een middel om te laxeren. Het is beter voor het herstel na de operatie als de ontlasting soepel is en hard persen op de wc niet nodig is. Afhankelijk van uw herstel kunt u meestal een dag na de operatie alweer naar huis. In de buurt van de plaats waar de hechtingen door de sacrospinale band worden gestoken liggen ook zenuwen. U kunt last hebben van zenuwpijn in het bekken, bij het stuitje, rond de anus of in de rechterbil. Deze pijnklachten zijn meestal na 2 weken over. U kunt hiervoor paracetamol slikken. Soms heeft u na de operatie wat van urineverlies. Ook dit gaat vanzelf weer over in de maanden na de operatie.

Nacontrole

Na de operatie maakt u een afspraak voor de nacontrole. U ziet bij de nacontrole weer uw eigen gynaecoloog. De gynaecoloog onderzoekt of de hechtingen goed zitten en vraagt u of u nog klachten heeft. Soms geeft de hechting klachten. Dit is meestal goed op te lossen.

Stel uw vraagWij beantwoorden uw vraag binnen 2 werkdagen

Wij kunnen u via dit formulier geen antwoord geven op medisch inhoudelijke- en spoedvragen. Een afspraak maken kan alleen telefonisch. Neemt u contact op met uw huisarts/ behandelend arts als u vragen heeft over uw persoonlijke gezondheidstoestand, diagnose of een behandeling.